Handhaving Spaarne N1, met nog drie ronden te gaan Hoofddorp N1 - Spaarne N1 4-4

Wat een avond, afgelopen maandag. Spanning en sensatie. Twee invallers (de twee Pauls) omdat Colleen (rug) en Sander (inspanning) hadden aangegeven niet te kunnen spelen.

Het eerste bord was dus voor Paul Ruber die liever op de bank thuis had gezeten maar door de teamcaptain met zachte hand naar Hoofddorp was gedirigeerd. Hij speelde tegen een jonge sterke kerel: Chenwu Zhu (2003). Paul had al snel na het begin van de partij het idee tegenover een sterke 2200-speler te zitten en na een kleine onnauwkeurigheid werd hij met de witte stukken er vakkundig en onontkoombaar vanaf geschoven.

Op bord twee speelde Loek Veenendaal een partij met veel energie. Met zwart pleegde hij een stukoffer, maar de poging om met de extra pionnen zwaarder materiaal terug te winnen faalde. Remise stemde desalniettemin tot tevredenheid, al speelde Loek te lang door. Tegenstander Darryl Paalvast (zonder rating) maakte geen fouten, speelde correct en foutloos.

Op bord drie zat Aad de Bruijn, tjonge wat een speler. Hij speelde tegen Willem Hensbergen, voor Aad een ‘oude bekende’. Ze speelden afgelopen vrijdag in het Voges-toernooi in Hillegom nog tegen elkaar. Die partij werd remise. Maar deze avond was hun ontmoeting ‘different cook’. Vol overgave streden beide combattanten voor de winst. Willem pakte wat pionnen. Daardoor kwam wel zijn koning op de tocht te staan. Hoe Aad daarvan profiteerde gaat aan mijn voorstellingvermogen te boven. Geforceerd mat in acht werd met vaste hand uitgevoerd. Natuurlijk drukte ik na afloop mijn microfoon onder Aads neus voor commentaar: ja, wel goed gespeeld en aardig van Willem om zich mat te laten zetten, was zijn bescheiden reactie.

Op bord 4 vonden schermutselingen plaats die de partij tussen Aad en Willem wellicht in de schaduw hadden kunnen stellen. Leo Littel speelde met zwart tegen Pjotr van Nie. Oké, de tegenstander stond na het middenspel een stuk voor, maar Leo had in ruil daarvoor een puntige aanval op Pjotr open koningsstelling gekregen, met daar iets vandaan een gevaarlijk c-pion. Bij goed spel van wit zag het er slecht uit voor Leo, maar hij vond telkens een dreiging waar zijn tegenstander behoorlijk nerveus van werd. Leo zelf bleef er ook niet stoïcijns onder. Tijdnood doet rare dingen met de schaker en zo ook in deze partij. Pjotr kon de juiste voortzetting niet vinden, overzag in tijdnood een eenvoudige afruil van zijn loper voor de vrijpion waardoor hij met een pion meer het eindspel in had kunnen gaan. Allemaal waar, maar het was toch Leo die telkens met een toverzet de dreiging erin hield en een belangrijk punt binnen sleepte. Is hier, na Frans Arp, een nieuwe tovenaar geboren? Dat was de vraag waar op de terugreis lang over werd doorgefilosofeerd.

–0–

De partijen op de eerste vier borden heb ik voor een deel kunnen volgen (de laatste fasen daarvan). Dit omdat de lage borden al vroeg klaar waren, inclusief mijn eigen partij. Ik verbruikte veel tijd, zodat ik geen kans kreeg om van bord 5, 6 en 7 een beeld te krijgen. Ik volsta met wat ik heb gehoord van mijn teamgenoten, met kort commentaar.

Op bord 5 speelde Jan Vos. Die kwam er volgens eigen zeggen niet aan te pas: verdiend verloren, mijn tegenstander bleek beter vanavond. Op bord 6 zat Keimpe Knijft tegenover Michiel Wilts (1581). Hier bleef alles in evenwicht en op verzoek van Keimpe werd er redelijk snel besloten tot remise. Op bord 6 had Joost Jansen zijn dag niet. Helemaal uit Deventer gekomen en dan na 2.5 uur spelen een 0 incasseren tegen Wim van der Schoor (1525). Voelde niet lekker. Gelukkig heeft ook Joost het spektakel mogen zien van bord 3 & 4 waardoor de reis niet geheel voor niets was.

Tenslotte mijn eigen partij op bord 8. Met zwart tegen Leo Paalvast, de vader van de speler van bord 2 (Darryl): ratingloos, op het laatste moment toegevoegd aan de spelerslijst van Hoofddorp. Beide Paalvasten spelen pas sinds korte tijd voor de club. Zullen ze blij mee zijn in Hoofddorp. Leo Paalvast had al 55 jaar niet meer geschaakt en tegen zo’n talent was ik gekoppeld. Lange tijd ging de partij gelijk op in een soort rare Benko-opening. Beide spelers hadden kansen maar toen Leo op zeker moment een lastige stelling fout beoordeelde, kon ik de partij toch nog redelijk eenvoudig naar me toetrekken.

En dus 4 – 4. Eind goed, al goed. We hebben ons gehandhaafd in de 1e klasse NHSB met nog drie rondes te gaan. Al met al een knappe prestatie.

Je kunt het ook anders zeggen: we staan nu ‘gewoon’ tweede.

PNE
Bord 1
8733846 Chenwu Zhu (2003)
7159229 Paul Ruber (1941)
1 – 0

Bord 2
9035334 Darryl Paalvast ()
8190402 Loek Veenendaal (1899)
½ – ½

Bord 3
6570663 Willem Hensbergen (1884)
6625839 Aad de Bruijn (1824)
0 – 1

Bord 4
7949524 Pjotr van Nie (1768)
7383398 Leo Littel (1787)
0 – 1

Bord 5
7378690 Ben de Leur (1848)
7185651 Jan Vos (1793)
1 – 0

Bord 6
7245601 Michiel Wilts (1581)
7037591 Keimpe Knijft (1726)
½ – ½

Bord 7
7978014 Wim van der Schoor (1525)
7001335 Joost Jansen (1660)
1 – 0

Bord 8
9029064 Leo Paalvast ()
6286236 Paul Neering (1619)
0 – 1


Totaal
Gemiddelde rating: 1768
Gemiddelde rating: 1781
4 – 4

 

 

Opnieuw verlies Spaarne 1 DSC 3- Spaarne 1 5-3

De uitwedstrijd in Delft leverde wederom een nederlaag op, deze keer 3-5. Het zag er in het begin niet naar uit. We kwamen nog op voorsprong door een knappe en snelle overwinning van invaller Paul Neering (hij verving Sander Schilthuizen).

Paul hield verder de wedstrijd in de gaten en vond dat ondergetekende het remise-aanbod van zijn tegenstander niet mocht aannemen. Dit i.v.m. de stand op de andere borden. Loek verloor en Colleen kreeg in een naar haar idee verloren stelling remise aangeboden. Dat sloeg zij niet af.

Leo verloor ook, en toen moest ik nog van alles proberen, maar het werd toch remise. Stand 3-2 voor DSC.

We kwamen nog terug naar 3-3 door een mooie overwinning van Paul Ruber. Paul over zijn partij: “ik won voor het eerst sinds meer dan een jaar weer eens een partij voor het eerste team. Op donderdag, in de interne, probeer ik dit seizoen ‘wild en onverantwoord’ te spelen om interessantere stellingen te krijgen, maar voor de bond blijf ik trouw aan mijn solide stijl (gezonde zetten doen) om zo mogelijk te profiteren van een fout van de tegenstander.”

 

Paul Rubers zege werd helaas gevolgd door een nederlaag van Aad de Bruijn. Alles hing dus van Fer Mesman af. Het was een spannende stelling, iedereen stond geclusterd om het bord. Dat maakte het voor de spelers nog enerverender. Fer gaf alles, maar de torens van de tegenstander zorgden voor een dodelijke penning. Om een uur of zes moest Fer opgeven en was onze vierde nederlaag in deze klasse een feit. Helaas.

Frans Arp

Geflatteerde zege in Zandvoort Chess Society 2 - Spaarne 2 1-5

We dachten, voor de deur van ons clubhuis, dat we het noodlot tegemoet gingen, want het zag er naar uit dat Martin Zegstroo niet kwam opdagen, om kwart over zeven. We zouden met z’n vijven gaan rijden naar Chess Society in Zandvoort, het dorp waarbij tegenwoordig eens per jaar veel herrie en stank wordt geproduceerd door de race-monsters. Op het allerlaatste moment kwam hij toch nog, zodat we niet met vijf man hoefden aantreden.

Onze chauffeur (Paul Neering) beschikt over een prima geheugen; hij wist nog precies hoe we er moesten komen. De entree was nogal veranderd in vergelijking met de vorige keer. De barruimte was nu een soort mega-altaar of heiligdom voor Max Verstappen geworden. Al het personeel was in Max. Vriendelijke mensen echter die ons prettig bedienden. Maar het was wel te merken dat de tent niet gesubsidieerd was. Voor een paar drankjes was ik 16,50 kwijt. In de Laan van Berlijn kun je voor dat bedrag als een balletje de deur uit gaan. Maar goed, de speelzaal was groot genoeg om naar behoefte te ijsberen en dat was voor sommige schakers nodig, om de frustraties uit het hoofd te bannen.

We beginnen dit verslag halverwege de avond als na de 23e zet van wit aan het 6e bord, Ton van Kempen, een remiseaanbod doet. Weliswaar staat zwart beter maar teamcaptain Paul Neering (mede-ondergetekende) neemt de tijd om eerst even te kijken of een remise het eindresultaat van de totale score niet negatief beïnvloedt. Bord 1 (Jeroen Loos tegen zijn oude club) staat goed voor Het Spaarne, de stelling op het tweede bord (Martin Zegstroo) is onduidelijk en ook op bord 3 (Paul Mathot) kan het nog alle kanten op. Echter, op bord 4 en 5 staat Het Spaarne duidelijk op verlies en dus wordt het remiseaanbod afgeslagen.

Een half uur later loopt Chess-Society-speler Kees Koper zwaar in mineur rond om te mompelen dat hij klaar is met dat hele schaakgedoe. Hij speelde een goede partij met wit: lange tijd lag hij op ramkoers om zwartspeler Robert Balm tot zinken te brengen, maar Kees kwam met één ruk tot stilstand. Lang had hij naar de stelling gekeken om een beslissende klap uit te delen, maar zag mat in één over het hoofd.

Op bord 5 speelt Pim Abbestee met zwart tegen Willem Elshout, een oud-clubgenoot. Pim over die partij: ‘Willem is een vriendelijke lobbes, maar ik speel niet graag tegen hem. Op de een of andere manier worden het altijd irritante partijen die na een zenuwachtige slotfase in remise eindigen. Dat was deze keer niet anders. Maar nu bakte ik het wel erg bruin. Ik was zo slordig in de opening dat ik een paard op e4 toestond dat niet meer verdreven kon worden. De hele partij moest ik slalommen en verdedigen, om tenslotte toch in een straal verloren eindspel terecht te komen. Geloof het of niet, maar hij had op het laatst drie verbonden vrijpionnen in het midden van het bord plus een toren. Ik had alleen nog een toren. Zo ver heb ik het maar zelden laten komen. Maar een truc in verloren stand, daar ben ik op de een of andere manier wel gehaaid in. Kortom, ik heb hem weten te bezwendelen. Hij lette even niet op omdat hij zo huizenhoog gewonnen stond en liet mij op onnozele wijze twee boeren terugpakken. Zijn koning stond daarna net niet goed, waarna hij zijn pluspion niet kon laten promoveren. Ik kon de oppositie pakken; het werd dus nog remise. Dit soort getrut overkomt mij veel te vaak. Wanneer leer ik nu eens om vanaf het begin een behoorlijke stelling op te bouwen?’

Op deze fortuinlijke remise volgde een winstpartij aan het eerste bord (Jeroen Loos) en een remise aan bord 3 (Paul Mathot), dus hadden we genoeg aan een remise op bord 6. Juist op dat moment had Ton van Kempen van Chess Society een wat mindere stelling in evenwicht weten te brengen, om vervolgens vreselijk mis te tasten. Er kwam een zet op het bord die in één keer zijn koningsstelling openbrak waardoor hij kon opgeven. Toen ook Martin Zegstroo (bord 2) met de zwarte stukken zijn duidelijk minder staande stelling ’tot winst kon voeren’ door zomaar een toren cadeau te krijgen…. tsja …. dan staat er 1-5 op het wedstrijdformulier en ga je toch met een lekker gevoel naar huis. Geflatteerd was de zege wel, ja, zeer zeker wel!

Paul Neering

Pim Abbestee

 

Bord 1  Jeannot Tuijnman (1719) – Jeroen Loos (1718)            0 – 1

Bord 2  Eric Alferink (1729) – Martin Zegstroo (1768)                  0 – 1

Bord 3  Mudra Knook (1734) – Paul Mathot (1639)            ½ – ½

Bord 4  Kees Koper (1679)  – Robert Balm (1417)                        0 – 1

Bord 5 Willem Elsthout (1601) – Pim Abbestee (1547)      ½ – ½

Bord 6 Ton van Kempen (1556) – Paul Neering (1619)       0 – 1

 

Gemiddelde rating Chess S.: 1670

Gemiddelde rating Spaarne: 1618

Niet altijd rozengeur en maneschijn Combiteam Spaarne / Heemstede - Zukertort Amstelveen 3 2,5 - 5,5

Afgelopen zaterdag was de tweede ronde van ons combiteam in de 5e klasse van de KNSB. Dachten we het sterkste team de vorige keer te hebben gehad, verscheen er afgelopen zaterdag opnieuw een achtkoppig monster in ons onderkomen aan de Schubertlaan: het ‘monster’ had gemiddeld tweehonderd elopunten meer per bord, met als uitschieter iemand van 2162. Gezien de eerste ronde, toen  Zukertort Amstelveen 3 thuis een team opstelde met een gemiddelde rating van 1624, was het gemiddelde voor de wedstrijd tegen ons opgeschroefd tot 1850. En dan te bedenken dat er op bord 6 een ratingloze speler plaatsnam: dhr Gibadulli (hij heeft een rapidchesspuntcomrating van dik boven de 2000).

En net als de vorige keer hoopten we op een wonder. De teamcaptain had de zwaargewichten zien binnenkomen, maar waarschuwingen hadden geen zin meer. We moesten zwaar aan de bak. Chronologisch pak ik dit verslag aan. Zelf stond ik reserve en kon zo een redelijke kijk krijgen op wat zich afspeelde op de borden.

Op bord 8 speelde Joren Braakhuis (1437) tegen Aashray Mittal (1600). Met wit ging het, in een Siciliaanse opening, direct helemaal mis voor Joren. Toen ik voor de tweede keer ging kijken bij zijn bord zag ik dat Joren een kwaliteit had weggeven zonder enige compensatie. Na wat schouderophalen en meerdere verzuchtingen herpakte Joren zich, offerde in het middenspel nog een stuk, maar zijn tegenstander liet hem niet terugkomen in de partij en trok de winst verdiend binnen.

Op bord 7 zat onze man uit Heemstede, Henk Post (1439). Zijn tegenstander Shrey Shah (1582) kreeg ook een Siciliaan voorgeschoteld. Henk kwam niet lekker uit de opening. Het werd zelfs zo erg dat een nederlaag onvermijdelijk leek, omdat wit lang had gerokeerd en de g-lijn half had geopend. De zwarte koning kwam lelijk op de tocht te staan. Echter, de witspeler greep zijn kansen niet en zwart mocht zich terugvechten in de partij. Dat deed Henk met verve, kwam een toreneindspel binnen met een pion extra. Die was niet voldoende voor winst, maar gezien het gehele verloop van de partij kwam toch tevredenheid op beide gezichten. Remise.

Tsja… gaan we naar bord 6 met Sybe Terwee (1608) met wit tegen de Rus Erast Gibadulli (unrated qua elo, maar een 2000-speler). Vanuit een Engelse opening met een fianchetto-loper ontstond een bizarre stelling waarin de zwarte dame diep in de witte stelling aan het ronddolen was. Daardoor werd zij echter ook een prooi. Een opsluiting dreigde, maar de zwarte dame ontsprong de dans en kon dankzij een kleine combinatie groot materiaalvoordeel behalen. Toen verslapte de concentratie van de zwartspeler en maakte hij een blunder. Gevolg was dat wit, redelijk geforceerd, kon afwikkelen naar een gewonnen eindspel. Een wit paard versus twee verbonden vrijpionnen! De spanning van de partij had haar tol geëist en Sybe liet de vette vis wegglijden, zag de winst niet meer glinsteren en verloor, tot zijn grote schrik, de partij nog. Zulke partijen kennen we allemaal. Oef.

Op bord 5 Pim Abbestee (1561) tegen Hugo Luirink (1754). Met zwart kon Pim niets creëren en zijn tegenstander speelde ook niet spannend. Dus werd het een wat saaie opening waarin er veel met stukken werd geschoven. Alleen het schuiven van Pims tegenstander was wel effectiever. Te laat zag Pim dat zijn pion op b7 een zwakke broeder was en erger…. bij het verdwijnen van deze jongen stortte zijn hele stelling in elkaar. Terecht verloren, uithuilen en opnieuw beginnen.

Zijn er dan geen winstpartijen te melden? Jazeker wel. Onze nieuwe man Martin Zegstroo (1778) speelde op bord 4 tegen Nico Louter (1916). Met wit kreeg Martin een Aljechin tegen zich met de variant g6 – Lg7. Vroeger speelde Martin bij de schaakvereniging ODI (ontspanning door inspanning) en daar was het spelen van de Aljechin schering en inslag. Dus Martin was absoluut niet verrast door de zwartspeler en dat bleek ook tijdens de partij. Wit kwam goed door de opening, met een veelbelovende stelling in het middenspel en toen was het zoeken om verder te komen. Zoeken, zoeken en uiteindelijk vond Martin de winstweg hoewel zijn tegenstander hem wel hielp. Maar ach…. helemaal niet erg. Gefeliciteerd Martin, weer op naar de 1800-grens!!

Jan Koopman op bord 3 (1624) heeft het zwaar gehad. Zijn tegenstander John Spinhoven (1890) met meer dan 250 ratingpunten aan surplus bouwde de druk gestaag op. Vooral veld f6 had het zwaar te verduren. Manmoedig hield Jan stand maar uiteindelijk voorvoelde je dat de dam zou breken. Dat gebeurde dan ook. En dat vanuit een Engelse opening.

Dan naar bord 2 waar onze topman speelde. Nu eens niet op bord 1. Theo Kroon (1915) tegen Wim Moene (2162). Een Franse opening met een uitgestelde ruilvariant. Mmmmm, het was niet een spectaculaire opening waarna lange tijd een status quo op het bord ontstond. Even spelen op de ene vleugel om daarna weer te switchen de andere kant op. Kleine zetjes en telkens kijken waar je je tegenstander pijn kan doen. Na dame en torenruil stond de koningsvleugel vast en dus alle actie op de damevleugel. Theo, met een loper, een pion (dubbel) meer en Wim met een paard, een vrijpion op de a- lijn.

Na vier uur spelen ontstond er een spannend gevecht. Wim probeerde de a-pion verder te krijgen, sloeg een remiseaanbod af. Om verder te komen moest zijn koning ook naar de a-lijn, een heel eind weg van een potentieel vrije h-pion. Zonder het uit te rekenen maar op gevoel besloot Wim de a-pion op te spelen. Theo moest hierdoor zijn loper opgeven maar was ruim op tijd om de zwarte h-pion op te ruimen en vervolgens te promoveren met zijn eigen vrijpionnen. Zover liet Wim Moene het niet komen. Hij gaf op. Heerlijk… ook hier zo’n 250 ratingspunten verschil maar nu in ons voordeel! Geweldig gespeeld, Theo!

Nog één bord te bespreken, namelijk het eerste. Bré de Roo (1827) wilde het wel eens proberen op ‘pole position’. Ik had de eerste ronde van Zukertort Amstelveen 3 bekeken en dacht een gelijkwaardige tegenstander te hebben voor Bré. Niet dus… Michiel Harmsen (2048) was een maatje te groot. Nog redelijk kwam Bre uit de opening. Wit had wat meer ruimtevoordeel waardoor zwart nauwkeurig zijn zetten moest uitmeten. Nadat hij die ruimte had weggegeven gaf de witspeler zwart geen enkel aanknopingspunt om terug te komen. Langzaam maar zeker kwam Bre in de verdrukking en moest hij opgeven.

Terechte uitslag waardoor de eindstand op 2.5 – 5.5 kwam. We hebben gestreden en verloren. Naar mijn gevoel toch een redelijk uitslag. De volgende match is tegen Santpoort 2 op 25 november (over 3 weken al), uit in Velserbroek.

Misschien wordt het daar wel rozengeur en maneschijn…

Paul Neering

 

One of those days Magnus 2 - Combiteam Spaarne / Heemstede 1-7

Bewolkt was het afgelopen zaterdag, redelijk aangenaam om zonder jas af te reizen naar Schagen. Omdat we het afgelopen seizoen zijn gepromoveerd mogen we het weer gaan proberen in de 5e klasse van de KNSB. Providercheck.nl Magnus II, een schaakvereniging met een onmogelijke naam (:)), was onze tegenstander.  Ons Combiteam bestaat uit spelers van twee clubs (Het Spaarne en Heemstede) aangevuld met Jan Koopman uit Wormer, geharde spelers die hun sporen hebben verdiend. Twee seizoenen geleden zijn we keihard gedegradeerd uit die 5e klasse, nu met enig fortuin teruggekeerd.

Maar toch.

Op de heenweg merkte een speler van een hoger bord op dat we hopelijk niet met 8-0 ten onder zouden gaan. Dan te bedenken dat de teamcaptain, uw verslaggever, nog niet had gemeld dat wij ons in een underdogpositie bevonden. Ik had de indruk dat de meeste spelers geen idee hadden welke kopstukken tegenover hen zouden plaatsnemen. Dus het grootste deel van ons team zag de wedstrijd met niet gering optimisme tegemoet en we vervolgden onze saaie rit naar de kop van Noord-Holland via de A9. Het moge inmiddels duidelijk zijn: op elk bord hadden wij een kleine 200 ratingpunten minder te bieden dan onze tegenstanders en dat voedde bovenstaande gedachten.

Bij binnenkomst troffen we een zaal met gemoedelijke, vriendelijke mensen, waar ook het eerste van Providercheck.nl Magnus zou gaan spelen, weliswaar op een kleine verhoging, maar toen ik IM Bosboom daarop zag lopen vond ik dat wel terecht. Wij zijn nog niet zo ver :).

Bij aanvang van de partijen kwam nog de opmerking van een plaatselijk notabel dat na de partij het wellicht leuk zou zijn om het vernieuwde centrum in Schagen onveilig te maken. Ik bedacht dat, na onze nederlaag, er weinig tot geen animo zou bestaan om daar dan te gaan feesten.

Precies om 13.00 uur werden de klokken ingedrukt en relaxt werden de eerste zetten uitgevoerd. Omdat uw reporter een voor hem bekende opening op het bord kreeg, was er genoeg tijd om te gaan kijken hoe mijn teamgenoten zich ieder door de openingen zouden slaan. Uiteraard nog veel te vroeg voor conclusies maar tijdens mijn regelmatige bezoekjes aan de borden kwam het besef dat bijna iedereen goed uit de startblokken was gekomen. Alleen Robert Balm (bord 6) stond minder. Daarom sloop de gedachte binnen dat we wellicht een matchpunt zouden kunnen binnenhalen. Echter, ook ik wist dat pas na 16.00 uur de meeste partijen pas echt beslist zouden worden, dus was het zaak af te wachten en te blijven kijken naar de ontwikkelingen op de borden.

Het was heerlijk om te zien dat de al eerder genoemde Jan Koopman, met wit en met een flinke dosis opportunisme, de zwarte stelling in zijn greep hield: de zwartveldige loper van zijn tegenstander kon zich niet ontwikkelen en daarmee blonk er ook geen rokade in het vooruitzicht…. dus veelbelovend voor Jan.

En dan plots stond Henk Post tegenover me….. gewonnen! Jawel, onze man uit Heemstede op bord 8 stond beter en na tweeënhalf uur spelen kwam hij een kwaliteit voor. Slechts een half uur later had Henk het volle punt al binnen. Geweldige speler die Henk en ik kon ons eerste punt van deze competitie, en van deze match, noteren.

Nog steeds hadden mijn teamgenoten goede stellingen, op die van Robert Balm na. Hij stond nu twee pionnen achter zonder compensatie. Kan verkeren. Op bord 1 speelde Theo Kroon een goede partij tegen David de Visser. Niet spectaculair, maar met wat ruimtevoordeel ontstond er een eindspel met loper/paard/koning plus een zestal pionnen aan beide zijden. Na goed spel van Theo bleek dit eindspel gewonnen en konden de Zweedse gehaktballetjes worden geserveerd! Wat een begin en dat voor 16.00…. zou het dan toch?

Jazeker!! Jan Koopman, op bord 3, verzilverde zijn gewonnen stand en bracht de tussenstand naar 0-3. Gezien mijn eigen partij op bord 5 en de volle pion meer op bord 4 van onze nieuwe speler Sybe Terwee dreigde er een sensatie aan te komen. Op bord 2 speelde Martin Zegstroo (ook al een nieuwe man in ons team)  een moeilijke partij tegen de teamcaptain van Magnus (Jan-Pjotr Komen). Martin stond wat beter maar na een verkeerde gekozen variant, zoals hij achteraf zei, kwamen er ongelijke lopers op het bord. En ik dacht, dat is op zijn minst remise! Wat het uiteindelijk ook werd (0.5-3.5).

Nadat ik ook mijn partij tot winst kon schuiven was de buit binnen. Winst gepakt door het Combiteam tegen een veel sterker geachte tegenstander.

Onze enige wat onervaren speler Joren Braakhuis speelde op bord 7. Na een gelijk opgaande strijd offerde hij een kwaliteit om opkomende druk te vermijden en nam en passant twee pionnen mee. Onder tijdsdruk kwamen er van zijn tegenstander (Eric Bos) niet de beste zetten op het bord waardoor ook Joren zijn partij won. Inmiddels stond Robert Balm (bord 6) echt verloren met wat rommelkansjes en een kleine dreigend valletje. En u voelt het al aan komen: zijn tegenstander Herman maakte een enorme blunder waarna ook Robert het volle punt kon bijschrijven. Wel gaf Robert toe dat ie had gezwijnd. Maar hij glunderde daarbij van oor tot oor.

Toen was er nog één partij aan de gang: van Sybe Terwee op bord 4. Die stond een pion voor, maar in het middenspel bleek dat zijn tegenstander (Jos Hendriks) meer dan voldoende compensatie had gekregen. Na 4,5 uur spelen kwam een dame-eindspel op het bord met een pion minder voor Sybe. Echter, alles zat deze middag mee. Ook deze partij eindigde in remise waardoor er een eindstand ontstond van 1–7, zes partijen winst, twee remises.

En toen gingen we het centrum in, de bloemetjes buiten zetten en uitbundig onze zege vieren. Uiteraard. De middenstand te Schagen was zeer tevreden over ons. Want we realiseerden ons wel … dit was …. One of those days…..

Paul Neering

Magnus II

Rating

Combi

Rating

1947

 

1895

0 – 1

 

1930

 

1768

½ – ½

 

1800

1592

0 – 1

1768

 

1583

½ – ½

1773

 

1617

0 – 1

1835

1426

0 – 1

1600

1373

0 – 1

1499

1431

0 – 1

 

Gemiddelde Ratin

1769

 

Gemiddelde Rating:

 

1586

 

 

1-7

 

 

Het Spaarne 1 – Kennemer Combinatie 3: 4,5-3,5 Promoveren? Nee, liever niet.

De eerste wedstrijd op een nieuwe locatie, en de laatste van het seizoen. De wedstrijd vond plaats in Heemstede, in een hybride van buurtcentrum en kinderdagverblijf te midden van robuuste bakstenen twee-onder-een-kap-woningen uit de jaren ’30, met lustig glas-in-lood. Het voelde een beetje als een uitwedstrijd. Niet qua sfeer, zeker niet. Ik was er nog nooit geweest. Goeie speelplek: je kunt in ieder geval uit ramen kijken, naar een speelplein waar een jonge vader voetbaltrucjes leert aan zijn zoon (of andersom?). Aan de muren hangen goed bedoelende schilderijen waarvan je denkt: zou ik dat aan de muur hebben willen hangen? Even over nadenken…

Goed, na de vorige wedstrijd tegen De Waagtoren 3 (4-4) doemde opeens promotie op naar de 3e klasse. Daaraan heb ik gistermiddag niet gedacht, en de anderen wellicht ook niet, wel aan het spelen van een lekkere partij. In de wedstrijd van gisteren werd er nipt gewonnen van Kennemer Combinatie 3 dat met enige invallers aantrad. Na afloop, gisteravond, toen ik thuis de website van de KNSB raadpleegde, dacht ik even dat promotie onvermijdelijk was, gelet op het aantal matchpunten (negen). Haha, nou, liever niet.

De score werd simultaan geopend aan bord 4 en bord 1. Teamcaptain Paul Neering bood tegenstandster Sacha Valster-Schiermeijer remise aan na een vluchtige blik op de andere borden. Juist op dat moment verloor eerstebordspeelster Colleen Otten zich in een tactisch slippertje dat een stuk kostte. Hieronder de korte partij, met commentaar van Colleen zelf.

 

 

Ach, het was natuurlijk een wedstrijd om de baard van de keizer, maar het valt niet mee als je als eerstebordspeelster voor even je haviksblik verliest. Paul zag na afloop van zijn partij dat hij een dikke plus had kunnen krijgen met e5-e6, Lf7-e6 en Tc5xd5. Pionwinst en zwart heeft daarna ook een toch wat verkrampte positie. Hij had spijt van zijn remise-aanbod.

 

 

Tegen een uur of vier was de strijd uitgedund tot drie borden. Vanaf mijn plek zag ik Robert Balm voor Combiteam KL2 een slechter eindspel verdedigen tegen een oud-leerling (Douwe Sternfeld). Het werd remise. Combiteam KL2 behaalde een klinkende overwinning op Caissa 5, mede dankzij zeges van Theo Kroon, Ewout Muller en Wim Hoffenaar, die losjes rondlopend even kon genieten van een gewonnen stand in een toreneindspel. Daarmee verdween het Combiteam echter niet van de laatste plaats in klasse 5E. Wel een lekkere overwinning aan het slot.

Eerder op de middag produceerde invaller Joost Jansen een geruisloze remise op bord 8, meer zat er niet in. Fer Mesman speelde een vlotte partij tegen Michiel Terwee (bord 6). Hij kwam met voordeel uit de opening – hoe Lc8 en Ta8 te ontwikkelen zonder materiaalverlies -, en toen de zwartspeler het even liet liggen (met Td5?!) won Fer een pion in een stelling die veel meer beloofde. Er verdwaalde een zwarte toren op de witte damevleugel waarna mat opdoemde. Er was een lichte hapering door gebrek aan tijd (33. Dg4 in plaats van het veel sterkere 33.De5) maar het matbeeld was er niet minder fraai om, helaas voor Michiel.

 

 

Frans Arp (bord 3) zat als een mastodont die van wanten weet – ik denk als een goedlachse herbivoor die ook wel van een goed bbq-hapje houdt (dus eigenlijk is hij een omnivoor) – achter het bord en zag zijn tegenstander, Frans van Casteren, een verkeerde keus maken waardoor Arp een dame overhield tegen een toren en een paard. Na een schaakje op d4 was verder weerstand bieden, hopen op de welbekende “vesting”, er niet meer bij voor de witspeler. Daarmee was Het Spaarne op voorsprong gekomen. Hieronder de partij met een belangrijk moment op zet 18 (notities Schill):

 

 

Plots werd de partij tussen Edward Scholtens en Aad de Bruijn op bord 2 remise. Aad zette de partij vanuit een gambiet mooi op, en toen kwam er een torenoffer op e6 (!). Hieronder de partij met kort commentaar van Aad.

 

 

Uw verslaggever speelde tegen Sybe Terwee op bord 5. We volgden tot ca. zet tien dezelfde opening als een maand of twee geleden (na een kwartier nadenken begon het mij te dagen). Met c5-c4 greep ik het initiatief om te profiteren van de ietwat ongelukkige positie van de witte dame. In een riante stellling ontglipte me echter een onnauwkeurigheid (concentratiegebrek door gemakzucht ingegeven, zoals wel vaker): 18. … Lxb2. Ik had de “terugzet” Da4-c2 overzien. Lxb2 was natuurlijk geen blunder, maar toch, zo’n blinde vlek voelt onaangenaam. Grappig is nog de variant die leidt tot een “bijna-mat”: 19 Dc2 Pe5 20. Dxb2 Pxf3+ 21. Kg2 (in de partij speelde wit Kh1) Dd5 (beter is Dxb2) 22. Dxb7 Lh3+ 23. Kxh3 Pg1+ 24. Kh4 Dh5mat. Uiteraard is Kxh3 niet verplicht.

 

 

Bleef over de partij van invaller Paul Mathot tegen jeugdspeelster Stella Honkoop (bord 7). Ze had onlangs furore gemaakt bij het NK Jeugd. Paul leek rondom de veertigste zet ook niet kansloos met verbonden vrijpionnen op de e- en f-lijn, anderzijds had de witspeelster een vervelende penning van een paard op g7 in het vizier. Ze wist, ondanks tijdnoodperikelen vlak voor de veertigste zet, het eindspel van torens en paarden naar zich toe te trekken. Eindstand 4.5-3,5.

Daarmee kwam Het Spaarne op negen matchpunten. Lang niet vertoond! Gefeliciteerd, maar die promotie zit er gelukkig niet in voor ons knoeiersteam. Daarvoor zijn we zo’n beetje de slechtste nummer twee uit de vierde klasse.

 

(Schill)