Tuin

Ik heb tien vingers, maar ze zijn geen van allen groen. Ze zijn voor van alles bruikbaar, want gezond en in goede staat, maar werken in de tuin of op het land, daarvoor zijn ze niet geschikt.

Er zijn veel mensen die niets heerlijker vinden dan met planten en heesters in de weer zijn; zaadjes in de grond stoppen en onkruid wieden. Ieder minuscuul groen niemendalletje dat zijn kopje boven de grond steekt wordt met euforische geluiden begroet. Huilend van ontroering liggen ze op hun knieën om moeder aarde voor dit wonder te bedanken. Ik gun het ze van harte, maar het is niets voor mij. Daar ben ik veel te ongeduldig voor.

Toen mijn vrouw plotseling met de mededeling kwam dat ze een volkstuin wilde, moest ik dus wel even slikken. Werd er nu van mij verwacht dat ik me ook vol enthousiasme op dit nieuwe project zou storten? Dat bleek niet het geval, als ik bereid was de heg bij te houden. Ik ben de beroerdste niet, dus dat was geen probleem.

Laat ik eerst vertellen waar het idee vandaan kwam. We hebben sinds kort een kleindochter. Dank U, ze maakt het goed. Een volkstuin zou voor die uk misschien wel een heerlijke speelplek zijn. Mijn dochter en haar man vonden het ook een goed idee, en dus werd er doortastend opgetreden. Binnen een week of zes waren we in het bezit van een volkstuin bij Ons Buiten, een prachtige instelling die al 75 jaar bestaat, waar de medevolkstuinders elkaar vriendelijk groeten en menigmaal een praatje maken, al gaat het meestal over iets groens dat uit de aarde omhoogkomt.

We werden gezamenlijke eigenaars, zo hadden we afgesproken. Prima, maar er waren wel een paar probleempjes met ons nieuwe bezit. De staat van onderhoud waarin het was achtergelaten door de vorige eigenaar was ronduit beroerd. Het huisje dat op ons nieuwe perceel stond bleek bij nadere inspectie een krot, waaraan bijna alles vervangen moest worden.

Het dak lekte, het schuurtje stond op instorten. Staand voor het hekje dat toegang verschaft tot ons nieuwe bezit werden we een ondoordringbare wildernis gewaar die elk normaal mens de moed in de schoenen zou doen zinken. Zo niet mijn vrouw en dochter en haar man: een ongekend enthousiasme nam bezit van hen. Iedere vierkante centimeter moest eraan gaan geloven; dat was het plan, want een moordend perfectionisme deed zijn intrede bij mijn doorgaans ontspannen familieleden.

Al deze gevoelens werden door mij niet gedeeld, integendeel, ik zag een heleboel gedoe naderen waar ik geen zin in had. Ik moest denken aan een uitspraak van een kennis die altijd zei: de natuur is iets prachtigs, maar er moet wel een borrel bij. Onzin natuurlijk, maar ik begrijp hem ook. Al dat gedoe met planten de hele tijd! Waarom?

Wat mij nog het meest tegen de borst stuit: zo’n project is nooit af. Al die plantjes blijven maar doorgroeien; er is geen instantie die ze eens een halt toeroept, dus je zit er voor de rest van je leven aan vast.

Maar… er zijn ook voordelen aan verbonden. Het is er rustig en het ruikt er fris. En wanneer je een normaal evenwichtig karakter hebt, kun je er misschien genieten van het zonnetje op het terras.

Ik hoop ooit zover te komen, maar de kans is groot, dat wanneer ik eindelijk op m’n gemak zit met een glaasje wijn, het weer tijd wordt voor de heg. De toestand van de heggen wordt regelmatig aan een inspectie onderworpen namelijk, door een commissie van het bestuur. Als er iets niet in orde is, word je niet onmiddellijk op de bon geslingerd vermoed ik, maar de sociale druk is toch wel significant waarneembaar.

Gelukkig hebben we aan beide kanten prettige buren, zodat we niet naar de rijdende rechter hoeven, om een geschil over een boomkruin te beslechten.

En dus, zodra alle overbodige rommel is opgeruimd, wordt het genieten geblazen, en gaan we worteltjes en sla verbouwen.

 

Dark Horse

Plaats een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *