Degradatie zonder zorgen Ronde 9: HWP Haarlem 3 - S.V. Het Spaarne 1: 4-4

Op bezoek bij HWP 3 afgelopen zaterdag kreeg het Spaarne een teleurstelling te verwerken…. het gelijkspel tegen onze buren voelde aan als een nederlaag. Eén na laatste plaats in de eindschikking zou betekenen dat we een klasse lager gaan spelen en dus terug naar de onderbond 1e klasse.

Maar het volgende seizoen is alles anders en hoeft het gelijke spel geen gevolgen te hebben omdat de gehele externe competitie op de schop gaat en wij waarschijnlijk “gewoon” 4e klasse KNSB gaan spelen.

Maar toch…. winnen zou toch wel prettig zijn geweest. Kansen daarop, we moeten eerlijk zijn, waren eigenlijk niet aanwezig. Vanaf het begin leek alles nog veel belovend maar richting het derde speeluur werd duidelijk dat HWP zou gaan winnen. Het mag een wonder heette dat we nog wegkwamen met 4-4.

Held van het eerste uur was Frank Taylor. Tegenstander Sjoerd van Raaij strafte een openingsfout van Frank goed af door een stukoffer op langere termijn te plegen. Maar hij nam zijn kansen daarna niet goed waar. Aldus rolde het eerste volle punt binnen voor Het Spaarne omdat Frank, na het zwakke begin, ijzersterk speelde!

Op bord 7 was toen al een remise gespeeld tussen Aad de Bruijn tegen Adrie Pancras. Niet veel over te zeggen… Aads seizoen was al reeds dramatisch en hij kwam mij vertellen dat ie ook niets zag in de resterende stelling, overgebleven uit een Caro-Kann-opening. Remise dus en nog niets aan de hand.

Ook bord 5 en 6 eindigden in remises. Frans Arp op 5 won een pion maar zijn toren verdwaalde op de koningsvleugel. Tegenstander Frank Beverdam centraliseerde zijn stukken, won de pion terug en miste tussendoor nog een betere voortzetting, dus we mochten niet klagen. En Sander tegen HWP-voorzitter Paul Tuijp leek soms wat beter te staan – hij was zelfs even zeer optimistisch na een remiseaanbod, maar dat was de bekende wens van de vader en de gedachte. Misschien stond de witspeler in de slotstand zelfs beter.

Daarna maakte ik even een rondje. Wat bleek…? Fer op bord 8 verloor een stuk en kreeg er twee pionnen voor terug maar erger was de positie van Loek op bord 2, met zwart. Een dreun deelde zijn tegenstander uit door een gat te slaan in de zwarte verdediging: Pxg7! Het witte paard keek ook vol verlangen naar veld e6 waar een paardvork dreigde. De zwarte monarch moest van de g-lijn af (Kh8) en daarom kon Loek wel opgeven (Pxe6 dus). Een nederlaag tekende zich af…

Want ondertussen stond Colleen Otten op bord 1 ietsje beter maar het was moeilijk voor haar om een juist plan te vinden. En op bord 3 moest Leo Littel met wit zien om te gaan met een iets minder florissante positie én met een tegenstander (Xander Giphart) die met veel zelfvertrouwen speelde vanwege zijn ruime plusscore. De inschatting was op dat moment: dit zijn geen partijen die volle punten gaan opleveren, hoewel ik natuurlijk hoopte dat Colleen met haar “octopus” op d6 wel eens een beslissing ten gunste van Het Spaarne zou kunnen forceren… nee dus bleek niet veel later… een blunder kostte een loper. Einde partij. En ook Leo liet een batterij toe op veld f2….. er volgde een simpele afruil, waardoor twee pionnen sneuvelde… ook een nul.

Waren er dan nog lichtpuntjes? Jawel. HWP-speler Eelco Kummer was zo vriendelijk om in gewonnen stand tegen Fer zijn paard weg te blunderen. Daar baalde de witspeler zichtbaar van en ondanks zijn taaie verzet om er toch nog een halfje eruit te peuren speelde Fer rustig en beheerst de in de schoot geworpen stelling, met nu een pion meer, uit. Een gestolen punt, maar wel lekker.. en dus tussenstand 3.5-3.5.

En dus terug naar de laatst lopende partij, op bord 2. Loek had niet opgeven en stond totaal verloren, maar de witspeler, Frank Homburg, liet Loek terugkomen in de partij. Eerst door toe te staan dat Loek de zaken compliceerde door tactische wendingen in te brengen, daarna door niet het juiste plan weten te vinden … en tot slot door een stuk terug te geven. En nog stond de HWP-speler gewonnen. Hij vroeg aan de omstanders wat de tussenstand was en hoorde dat zijn partij beslissend was voor winst of gelijke stand. Dat heb ik weer, verzuchtte hij om even later in te zien dat een gewonnen stand niet altijd wordt gewonnen.

Locatie prima, sfeer uitstekend en terras na afloop gezelling…. goeie uitslag !!

Paul Neering

HWP Haarlem 3 1847 S.V. Het Spaarne 1884 4 4
1. Theo Gosman 2053 Colleen Otten 2057 1 0
2. Frank Homburg 1802 Loek Veenendaal 1957 ½ ½
3. Xander Giphart 1997 Leo Littel 1875 1 0
4. Sjoerd van Raaij 1758 Frank Taylor 1887 0 1
5. Frank Beverdam 1829 Frans Arp 1895 ½ ½
6. Paul Tuijp 1764 Sander Schilthuizen 1798 ½ ½
7. Adrie Pancras 1795 Aad de Bruijn 1873 ½ ½
8. Eelco Kummer 1779 Fer Mesman 1707 0 1

Nipte zege tegen Krommenie Ronde 2: Krommenie - S.V. Het Spaarne 1: 3½ - 4½

Door te winnen tegen Cor van Dongen zorgde Colleen Otten op de valreep voor de eerste overwinning van dit seizoen. Dat zal haar deugd hebben gedaan. Twee jaar geleden verloor ze, ook met wit, tegen dezelfde tegenstander, als ik me niet vergis. Ook toen was haar partij de laatste die nog aan de gang was.

Ach, zo’n overwinning op het sympathieke Krommenie is natuurlijk mooi meegenomen, maar beweren dat we de punten echt nodig hebben is misschien overbodig, gelet op de aanstaande herindeling van de competitie. Vooraf had teamchef Paul Neering in de frisse buitenlucht voor het station een gloedvol betoog gehouden over “fris spel”, “f2-f4” en andere voortvarendheden, zodat het halve plein was volgelopen met omstanders die zich afvroegen wie die charismatische man op dat krukje wel niet was. Een politicus? Paul had een zelf gemaakt uitvouwbaar houten krukje uit de achterbak van zijn auto gepakt en was daar op gaan staan. Toen hij was aangeland bij pragmatisch schaken, het winnen van gewonnen stellingen en dergelijke had Loek Veenendaal het bleke natgeregende gelaat opengetrokken en ongeduldig gezegd: allemaal leuk en aardig Paul, maar kunnen we nu eindelijk eens gaan?

De middag was begonnen met een snelle voorsprong van Het Spaarne. Eerst was er een snelle winst van Paul op Kees Takken. Met een tactisch grapje veroverde hij de belangrijkste pion (d5) van zijn tegenstander. Die liet Paul nog meer materiaal veroveren in ruil voor een matdreiging. Maar de matdreiging was geen matdreiging en Paul incasseerde vlotjes het punt: 0-1. Op de terugweg rees de eeuwige schaakvraag of de overwinning nu een cadeau was van de tegenstander dan wel het resultaat van Pauls eigen vernuftrijke spel. Om zijn snel herrezen zelfvertrouwen een beetje in toom te houden hielden we het op het eerste.

Al voor die snelle 0-1 zat Aad zich te verbijten tegen Willem Moene. Na een moeizame heenreis met bus en trein kwam de stoom uit zijn oren. Net op tijd de charmante speellocatie van Krommenie betreden. Pffff! Vleugelgambietje. Slechte zetten in de opening (verkeerde loper geruild) en toen was er niet snel daarna stukverlies. Toch nog even doorspelen? Ja, wel gedaan, “in het belang van het team”, maar aan de nederlaag ontsnappen deed hij niet.

Ikzelf speelde met zwart helder en fris tegen Piet Kerssens op bord 6. Colle-opening. Na een paar onnauwkeurigheden en een fout (Dc2) van zijn kant kreeg ik door een aardige tactic twee lopers tegen een toren in een riante stand. Twee kanonnen die de witte damevleugel onder schot namen. Het verbaasde me hoe snel de lopers de overhand kregen. Soms lijkt het wel of schaken een gemakkelijk spel is, zei uw verslaggever bijna zelfgenoegzaam! (En dan vergeet ik maar even snel de score van 2,5 uit 9 van een vorig seizoen en het verschil in speelsterkte dat je achteraf vaststelt). Sympathieke tegenstander, leuk praatje na afloop, ook dat hoort bij het schaken.

Loek, ook met zwart, had een open stelling met een lichte plus (loperpaar). Hij manoeuvreerde wat met zijn lopers, dame en torens en kon toen pardoes een kwaliteit winnen met Ld6-a3: 1-3.

De voorsprong ging echter verloren door nederlagen van Fer Mesman en Frank Taylor. Fer verkreeg vanuit het damegambiet een lekkere stand, verslikte zich echter in een slechte zet van Anneke Schol (c5-c4). Anneke verschafte zich een pion op d3 die niet genomen mocht worden op straffe van kwaliteitsverlies (Dxd3?, La6 en de toren op f1 gaat eraf). Fer kwam er niet meer aan te pas en verloor zijn dame.

Frank had ook een lekkere stand. Met wit. Meer ruimte en een half open c-lijn. Ik dacht telkens als ik langs liep: wanneer komt er nu een paard op c5? Maar dat gebeurde niet. In een remise-achtige stand, wellicht met een lichte plus, liet hij zich foppen door een paardvork. Teleurgesteld gaf de man, die ons team in april voor de promotieklasse behield, op.

Inmiddels had Leo zijn toevlucht gezocht in een remisevoorstel. Gelijke stand, waarin de witspeler, Erik Breedveld, er solide op stond. Leo had het loperpaar in een half open stelling. Eén loper keek echter tegen zijn eigen pionnen aan. Na kort overleg accepteerde Breedveld het voorstel.

Toen was het weer gelijk: 3,5-3,5.

De kiebitzers, waaronder uw verslaggever, dromden nu samen rondom de laatste partij: Colleen Otten tegen Cor van Dongen. Op het bord stond een interessant eindspel. Colleen: twee torens en een handvol pionnen, Cor: twee paarden en een toren, met iets minder pionnen en wat vage aanvalskansen tegen de witte koning. Echter, Cor blunderde op de veertigste zet één van de paarden weg. Toen was het eindspel niet al te ingewikkeld meer, maar moest het punt nog wel over de streep getrokken worden: 3,5-4,5.

De eerste zege was daarmee een feit!

Sander Schilthuizen

Krommenie 1816 S.V. Het Spaarne 1861
1. Cor van Dongen 2104 Colleen Otten 2057 0 1
2. Erik Breedveld 1869 Leo Littel 1875 ½ ½
3. Wim Moene 2187 Aad de Bruijn 1873 1 0
4. Werner Fritz 1721 Loek Veenendaal 1957 0 1
5. Peter Alberts 1798 Frank Taylor 1887 1 0
6. Piet Kerssens 1576 Sander Schilthuizen 1798 0 1
7. Anneke Schol-Grin 1645 Fer Mesman 1734 1 0
8. Kees Takken 1635 Paul Neering 1707 0 1

Zinderende finale in degradatieduel Ronde 9: S.V. Het Spaarne 1 - Volendam: 4½ - 3½

Het beloofde een harde confrontatie te worden tussen twee teams met grote degradatiezorgen. Voor aanvang van de wedstrijd had Volendam genoeg aan een gelijkspel voor behoud in de promotieklasse. Voor ’t Spaarne telde alleen een overwinning. De teamleider van Het Spaarne, tevens uw verslaggever inzake dit bericht, gooide de bordindeling van de spelers lichtelijk om, zodat de Volendamse voorbereiding gefrustreerd zou kunnen zijn. Maar het is zeer de vraag of die andere bordindeling van invloed is geweest op het wedstrijdverloop.

Feit is wel dat op bord 1 Frans Arp met zwart niet tot goed spel kwam. Tegenstander Enno Veerman zette de witte stukken op de juiste velden neer. Frans wilde echter meer vuurwerk op het bord, gooide zijn koningsvleugel open met h6 en g5 en kreeg de kous op de kop door een scherpe tegenactie met f2-f4. Zoekend naar meer spel bracht Frans zijn dame diep in de vijandelijk linies waarna wit met enkele krachtzetten aantoonde dat dit op niets berustte. Met een elegant torenoffer op f7 werd duidelijk dat het punt naar Volendam zou gaan.

Een flinke tegenvaller kwam ook tot stand op bord 2. Loek Veenendaal maakte het zich zichtbaar moeilijk met een verzwakking op veld c3. Of de consumptiedeal, aangeboden door Loeks tegenstander in zijn bedenktijd, van beslissende invloed is geweest valt niet meer na te gaan, wel dat tegenstander Jan Tol het volle pond naar zich toetrok zonder met zijn ogen te knipperen.

Donkere wolken trokken samen boven de resterende borden van speelgelegenheid Denkcentrum ’t Spaerne. We stonden er halverwege de middag niet goed meer voor!

Gelukkig kwam op bord 3 de aansluitingstreffer. Colleen Otten had eigenlijk weinig moeite een gewonnen stelling te creëren en walste over haar tegenstander heen die, naar eigen zeggen, “zijn dag niet had”. Omdat het hierna superspannend begon te worden was het handig dat Colleen haar partij zo vroeg had gewonnen, zodat de teamleider gebruik kon maken van haar expertise om de stand van zaken van de nog lopende paritjen goed in te kunnen schatten. En dat was hard nodig.

Op bord 8 speelde Aad de Bruijn een krankzinnige partij waarbij de tussentijdse winstprognoses vaker naar Volendamspeler Reinier Bodemeijer gingen dan naar Aad.

Op bord 7 speelde Fer Mesman uitstekend tegen Crelis Molenaar en toen Fer de kans kreeg op een prachtig stukoffer op f2 liet hij die kans niet onbenut. Tegenstander Molenaar was zichtbaar verrast en had 5 minuten nodig om zich te vermannen. Vervolgens koos hij voor een stukkenruil die Fer goede winstkansen bood.

Aan bord 6 zat Frank Taylor die iets beter in het middenspel stond maar pardoes een volle pion cadeau deed, waardoor hij (en dus ook het Spaarne) in de gevarenzone kwam te zitten.

Op bord 5 kon Sander Schilthuizen geen potten breken tegen Frans Vlugt. Met zwart hield hij een scherpe stelling, waarin de witspeler aanstuurde op een batterij Lb1-Dd3, ternauwernood in balans. Anders dan in voorgaande partijen behield Sander zijn concentratie en koos hij voor een afwikkeling die tot remise leidde. Meer zat er niet in, maar we stonden nog steeds 1 bordpunt achter. En alleen winnen zou ons van het degradatiespook kunnen bevrijden.

Op bord 4 speelde Leo Littel een spannende partij tegen Erik Steur. Hier waren omstanders flink in discussie wie er beter stond in het laatste uur. Steur stond een kwaliteit voor in een eindspel (twee paarden tegenover toren-loper), maar Leo had compensatie in de vorm van een pluspion. En daar kwam nog een pion bij. Het leek voor even een gewonnen stelling voor Leo te zijn, maar hij beging onder de alweer aangroeiende tijdsdruk na zet 40 een paar onnauwkeurigheden. De kansen leken te keren ten gunste van zwartspeler Steur.

Het lot van Het Spaarne 1 leek bezegeld: degradatie na een slecht en ongelukkig seizoen.

Maar plotseling draaide alles om.

Aad de Bruijn, die inmiddels een pionnenklont op de damevleugel achterstond, kon profiteren van een zwakke zet van Reinier Bodemeijer. Er gloorden onverwachts winstkansen. Na het missen van mat in twee en na vele smachtende kreten in de gang verderop niet gehoord te hebben, bracht taaie Aad het volle punt op het droge. Inmiddels had ook Fer Mesman zijn partij gewonnen en was er een tussenstand van 3½ – 2½ met nog twee partijen aan de gang.

Een vol punt moest nog worden binnengehaald en Spaarne-spelers en belangstelling tonende clubgenoten hoopten op twee remises. Frank Taylor op bord 6 stond nog steeds een volle pion achter. En dan had hij ook nog een zwakke pion op b5. Teamleider Jan Veerman van Volendam ging wellicht te snel met zijn dame op die zwakke pion af, waardoor Frank zomaar twee torens op de zevende rij kreeg. De dames werden geruild en in een eindspel met dubbele torens verschafte Frank zich een vrijpion op g6. De druk werd Jan Veerman wellicht te veel, remise zat er de hele tijd in. Eén verdedigende zet extra en wit was niet verder gekomen met zijn g-pion. Zwart gooide alle remmen los en besloot zijn c-pion op te spelen. Dat bleek fataal en dus was een gelukkige winst te noteren voor Frank die het Spaarne-team uiteindelijk de volle winst bracht: 4½ – 2½!

De laatste partij op bord 4, Leo Littel – Erik Steur, was opeens niet meer van belang, maar werd nog wel vakkundig gewonnen door de zwartspeler. Jammer voor Leo maar hij had er wellicht vrede mee dat de achtste plaats genoeg was voor behoud in de promotieklasse.

Al met al een enerverend middag, sneu voor de Volendammers. Dat zeker. Vanuit het perspectief van de Spaarne-spelers was de conclusie snel gemaakt: de nipte nederlagen eerder in het seizoen werden in de laatste fase van de laatste wedstrijd goedgemaakt door alert spel en een gezonde dosis strijdlust.

S.V. Het Spaarne 1892 Volendam 1851
1. Frans Arp 1970 Enno Veerman 1973 0 1
2. Loek Veenendaal 1903 Jan Tol 1957 0 1
3. Colleen Otten 2083 Luuk van Essen 1819 1 0
4. Leo Littel 1920 Erik Steur 1820 0 1
5. Sander Schilthuizen 1791 Frans Vlugt 1890 ½ ½
6. Frank Taylor 1855 Jan Veerman 1785 1 0
7. Fer Mesman 1712 Crelis Molenaar 1747 1 0
8. Aad de Bruijn 1905 Reinier Bodemeijer 1819 1 0

Eerste schaak team ’t Spaarne in degradatie zorgen Ronde 6: S.V. Het Spaarne 1 - Krommenie: 2½ - 5½

Dat het zwaar zou worden in de promotieklasse was vanaf de eerste ronde duidelijk. Toch was ik als teamleider redelijk optimistisch over onze kansen om ons te handhaven. Immers, ons achttal heeft een goede bezettinggraad met een representief rating niveau. Geen zwakke plekken en een uitstekende mentaliteit.
En dus zag ik de match tegen Krommenie met vertrouwen tegenmoet.

Bij aanvang van de wedstrijd bleek de TomTom van onze tegenstander een geheel eigen mening te hebben over hoe de bestemmimg te bereiken, zodat maar liefst 6 spelers van Krommenie met een serieuze tijd achterstand moesten beginnen. Alvast voor ons team een pluspunt, maar het heeft niet mogen baten.

In chronologische volgorde van verslag bleef op bord 1 Colleen Otten overeind tegen Wim Moene. Na een overzichtelijke opening leek de met wit spelende Moene het betere van het spel te hebben, maar in de praktijk bleek het allemaal mee te vallen. Spannend werd het toen Wim onnodig een randpion weggaf, waardoor Colleen plotseling serieuze winstkansen kreeg. Duidelijk was het voor mij allemaal niet, maar Colleen voerde de partij toch met vaste hand naar winst. Ik was onder de indruk hoe je een klein voordeeltje tot een vol punt kunt uitbouwen!

Op bord 2 Leo Littel, met wit tegen Cor van Dongen. Nou had Leo twee jaar geleden al eens klop gehad tegen deze vriendelijk man en was hierdoor tot de tanden toe gewapend. Ook hier (zeg ik met mijn geringe kennis van het spel) kwam de Krommenie speler beter uit de opening, maar in het middenspel nam Leo zijn kansen waar en stond wat beter. Op het moment om daadwerkelijk daad bij woord te voegen, om er meer uit de stelling te halen, begon de zwartspeler te zwalken. Hij zag vele beren zijn plannen doorkruisen, om achteraf te beseffen dat dat waanbeelden bleken te zijn. Gevolg een dikke nul.

Op het volgende bord speelde Aad de Bruijn met zwart tegen Simon Groot. Na een dynamische opening dreigde de partij over te gaan in een statische stelling. Niets voor Aad dus en deze gooide een paard over de f-lijn naar binnen. De tegenstander mocht beslissen het wel of niet aan te nemen. De dynamiek bleef op het bord en toch was het de witspeler Simon Groot die er het meest van profiteerde. Na vijf uur spelen bleek het eindspel gewonnen te zijn voor wit, al was dat voor de vele omstanders lange tijd niet duidelijk. Toen Aad, na de partij, had vernomen dat het moeilijke eindspel altijd verloor had hij er vrede mee.

Waar bovenstaand verslag nog spraken was van stijd waar beide kampen kansen mochten koesteren. De partij aan bord 4 was na twee uur gespeeld. Onze man Loek Veenendaal liet na de opening een vol stuk insluiten. Met een stuk minder probeerde hij nog lange tijd Simon Dekker te verontrusten, maar die gaf geen krimp en schoof de partij na vier uur spelen professioneel uit.

En op bord 5 onze man Frans Arp tegen teamleider Erik Breedveld. Tsja, wat hierover te zeggen. Frans speelde met zwart en kwam minder uit de opening. Tactische wendingen zaten er niet echt in en dat is één van de sterke punten van Spaarne speler Arp met de bijnaam Koning. Bijna de hele partij moest Frans zijn stelling verdedigen. Geen enkele ambitie mocht hij hebben, behalve dan die van het behalen van een remise. Het lukte, al moet worden gezegd dat er een winnende afwikkeling werd gemist door de witspeler Breedveld.

Op bord 6 speelde Frank Taylor met wit die in goede vorm naar deze match toeleefde. Goede opening tegen Ed de Saegher. Langzaam en geduldig het middenspel in, met in het vooruitzicht een heerlijk centrumpionnetje. Ook ik zag dat de pion ging vallen en dat Frank met extra materiaal de partij mocht proberen te gaan winnen. Echter, de pion bleek zo giftig dat Frank er met een grote boog omheen had moeten gaan. Zijn hele stelling werd overlopen en weer een nul voor het Spaarne.

Is er dan nog goed nieuws?? Jawel, de man van bord 7, de geweldenaar!! Toegegeven, zijn tegenstander Werner Fritz had een uur(!) minder bedenktijd (zie opmerking TomTom). Maar Fer Mesman speelde een hele goede partij. Eerst kreeg hij een vreemde opening voor de kiezen. Gelukking had Fer een beetje steun aan grootmeester David Klein, die in een simultaan partij dezelfde opening speelde en Fer de geheimen had ingefluisterd, maar dat was jaren geleden. Fer vond achter het bord het juiste openingsplan, en toen de tegenstander na de opening een fout maakte knalde Fer er een vernietigende mataanval uit. Ik keek erna, en omdat het die middag de eerste uitslag was zag ik een overwinning in het verschiet.

Niets was minder waar. Een minuut later was het namelijk alweer gelijk. De beminnelijke Anneke Schol-Grin kwam moeilijk uit de opening tegen Sander Schilthuizen. De met wit spelende Schilthuizen was net begonnen met een veelbelovende pionnenopmars op de koningvleugel, toen hij een simpel schaakje overzag met als ongelukkig gevolg dat er een vol stuk moest worden ingeleverd.

De conclusie is dus dat ’t Spaarne met 2.5-5.5 heeft verloren van Krommenie. Maar nog twee kansen om ons toch te handhaven. Dan moet het maar gebeuren, eerst Volendam en dan de Uil. Ik heb er vertrouwen in.

Paul Neering

S.V. Het Spaarne 1892 Krommenie 1901
1. Colleen Otten 2083 Wim Moene 2161 1 0
2. Leo Littel 1920 Cor van Dongen 2113 0 1
3. Aad de Bruijn 1905 Simon Groot 1986 0 1
4. Loek Veenendaal 1903 Simon Dekker 1987 0 1
5. Frans Arp 1970 Erik Breedveld 1806 ½ ½
6. Frank Taylor 1855 Ed de Saegher 1783 0 1
7. Fer Mesman 1712 Werner Fritz 1730 1 0
8. Sander Schilthuizen 1791 Anneke Schol-Grin 1649 0 1

Het Spaarne 1 blijft in Alkmaar steken op 4-4 Ronde 5: De Waagtoren 2 - S.V. Het Spaarne 1: 4 - 4

Vriendelijk stad, dat Alkmaar. In een rustige Centrumstraat, waar in de bovenkamer van een Grand Café schaakvereniging Waagtoren haar externe wedstrijden speelt, gaan twee zware trappen omhoog naar een typische kamer boven het café met andere tapgelegenheden. Afgelopen zaterdag speelden daar maar liefst drie teams. Dat waren dus zo’n 48 schakers plus een handvol andere lieden die kwamen kijken. Drukte van belang en wennen voor de bezoekers. Krakende vloeren en piepend doorbuigende tafels. Het pand stamt uit de tijd van ruiter en paard, maar waar ook het voetvolk welkom was. Het ontbrak er maar aan dat het buiten miezerde.

Het moge duidelijk zijn, een perfecte plaats om op een zaterdagmiddag in december er eens goed voor te gaan zitten. En dan vol proberen uit te halen tegen een, op papier, sterkere tegenstander.

Het Spaarne-team speelde in haar sterkste opstelling met topspeelster Colleen Otten op het 1e bord. Zij trof het niet met Hebert Perez Garcia. Weliswaar speelde Colleen met witte stukken, maar de oude heer Garcia speelde alsof zijn jeugd terugkeerde tijdens het spel en pareerde een avontuurlijke opening met lenigheid waar menig speler jaloers op zou zijn. Op het juiste moment omschakelen naar een zakelijke afwikkeling en een vol punt voor De Waagtoren na amper 3 uur spelen.

Dan op bord 7: onze koning Arp. De opening Het Portugese gambiet uit het Scandinavisch dat door wit werd geweigerd. Tegenstander Marten Coerts had natuurlijk kunnen weten dat dit soort openingen een kolfje is naar de hand van Frans met zijn aanvallende stijl. Toch speelde de heer Coerts, in verloren stand, scherp op een counter-aanval wat mijn bewondering afdwong. Het mocht allemaal niet baten, want Frans was, ondanks zijn genomen pijnstillers tegen een rugspierontsteking, niet te stoppen. Hij speelde geen zwakke zetten en ging als een wals over de zwarte stelling. Dus stonden we weer gelijk.

Op naar bord 6, alwaar Frank Taylor goed uit de opening kwam. Met zwart nota bene. Frank zijn dubbelpion bleek geen nadeel. De open e- en b-lijn werden een bezit voor de zwartspeler, maar het was moeilijk beslissend voordeel te vinden. Langzaam vond witspeler Ton Fasel tegenspel door zijn dame achterin de zwarte stelling te posteren, maar dat kon alleen omdat Frank een ultieme winstpoging deed. Het nadeel was wel dat Frank schaak moest blijven geven om de partij te winnen. Dat eeuwig schaak lukte wel, maar de partij winnen echter niet. Hij was dichtbij, dat wel, maar alles was nog in evenwicht.

De bizarste partij was die op bord 3, waar Aad de Bruijn een Caro-Kann voorgeschoteld kreeg. Via de doorschuifvariant speelde Ronald Groot zijn c6-pion op naar c4, waardoor er een gesloten stelling ontstond. Vervelend voor zwart was wel dat wit moeiteloos al zijn stukken voor de zwarte koning neerzette. Dus moesten alle zwarte stukken terug rond de koning en bleef er weinig ruimte over daaromheen. De stelling schreeuwde om een offer. Het offer kwam, maar zwart hield stand. Toen de rookpluimen optrokken was het onduidelijk of de twee pionnen voor het stuk voldoende waren voor een half of vol punt. Aad won er nog een pion bij en met veel concentratie en nauwkeurigheid bracht hij het volle punt binnen. Ik was onder de indruk en: een voorsprong voor Het Spaarne.

Niet lang na deze winstpartij was de stand weer gelijk. Leo Littel op bord 2 kreeg namelijk voor de zoveelste keer een Alapin op het bord. Tegenstander Gerard de Geus wilde met kleine middelen een groot verschil maken, maar ging een gelijkwaardig eindspel in met 5 pionnen ieder en paard + loper tegen paard + loper. Vanaf dat moment was het de witspeler die het spel dicteerde en met vaste hand de partij naar zich toe trok.

Op bord 8 speelde onze man uit Havanna, Sander Schilthuizen. Rustig ging hij met de zwarte stukken op zoek naar een gelijke stand. Twee dagen voor de partij was er met schaakleraar Pieter Roggeveen partijen bekeken voor het ideale paardveld (waarbij de pionnenstructuur bepalend is) en toen kwam tegenstandster Timardi Verhoeff met de te verwachte paardmanoeuvre: ze speelde haar paard op d2 via f1 om naar e3. Op weg naar het `gat’ op d5. Er bleef voor haar een klein voordeeltje over in een eindspel met lichte stukken (loperpaar en kwetsbare damevleugelpionnen voor Sander). Maar het was nog even te ambitieus om het paard van e3 naar d5 te spelen. De na paardruil verkregen vrijpion was eerder een zwakte dan een sterkte. Vanaf dat moment groeide de winstkansen voor Sander en natuurlijk voor het Spaarne, een zweem van sensatie werd langzaam voelbaar. Vol punt binnen, met Het Spaarne op winst.

Loek Veenendaal op bord 4 had lange tijd het beste van het spel, maar met goed actief spel van Dirk van der Meiden was het tussentijds gewonnen pionnetje niet voldoende voor winst. Loek deed wel nog een uiterste poging waardoor de teamleider lichte hartkloppingen kreeg. Het was namelijk zijn tegenstander die nog even binnen kwam zonder te kloppen. De remisemarge werd niet meer verbroken, met als gevolg een 3-4 voordeel voor Het Spaarne. We hebben dus reeds een gelijkspel.

De laatste partij op bord 5 voor de definitieve knockout. Een halfje was voldoende. Fer Mesman met wit tegen Shannon Vlaar. Sterke speelster die ik ken van schaaklessen bij Jop Delemarre. De opening direct met een zenuwblokje d4-c4 tegen d5-c5. Shannon speelde redelijk vlug en had de stelling vaker op het bord gehad. Fer had tijd nodig om zich in te leven. Na verloop van tijd werd duidelijk dat de zwartspeelster beter met de stelling kon omgaan en kwam ze in het voordeel. Een belangrijke vrijpion stormde op naar voren. Maar Fer wikkelde af naar een eindspel waarin de vrijpion kon worden opgehaald. Remise leek haalbaar. Lag zelfs voor de hand en teamleider van Het Spaarne rekende zich al rijk door alvast een Belgisch biertje aan te nemen van een teamgenoot om de volle winst te vieren. Shannon Vlaar zag het anders en draaide de duimschroeven aan. In een eindspel van twee pionnen ieder met de kale koning rondom bleek de ruimte voor zwart winnend te zijn. Fer, in tempodwang, gaf mistroostig op. Toch een gelijkspel!

Iedereen terug naar Haarlem met mixed feelings en van pure ellende reed de teamleider ook nog zijn rechter voorband aan gort. Kwestie van te vroeg en te snel je rijk rekenen (nou ja, het was gewoon een te hoge stoeprand die hij even niet zag), maar iedereen in de auto schrok wel.

De Waagtoren 2 1934 S.V. Het Spaarne 1892 4 4
1. Hebert Perez Garcia 2046 Colleen Otten 2083 1 0
2. Gerard de Geus 2034 Leo Littel 1920 1 0
3. Ronald Groot 1920 Aad de Bruijn 1905 0 1
4. Dirk van der Meiden 1940 Loek Veenendaal 1903 ½ ½
5. Shannon Vlaar 1836 Fer Mesman 1712 1 0
6. Ton Fasel 1964 Frank Taylor 1855 ½ ½
7. Marten Coerts 1866 Frans Arp 1970 0 1
8. Timardi Verhoeff 1873 Sander Schilthuizen 1791 0 1